Als schooljongen fantaseerde ik wel eens over het mooie leven van de journalist in het wielerpeloton. Zo’n rondtrekkend dorp vol sporters, sponsors, ‘mekaniekers’ en karavaanmeisjes is dan ook een dampende verhalenfabriek. En van goede verhalen smullen we, zeker als er een rafelrandje aan zit.
Daarom stapte ik over van ‘de reclame’ naar ‘corporate identity’. Ik wilde de verhalen horen achter de producten die we positioneerden: producten zijn te kopiëren, verhalen niet. Eén van mijn eerste corporate stories was voor De Boer Tenten. De Boer verovert de wereld met een opwindend mengsel van techniek, logistiek en koopmansbluf. Plaatst niet alleen de tent voor je evenement, maar ook ‘semi-permanente’ gebouwen. Op 12 september 2001 plakte De Boer een tijdelijke nieuwe vleugel aan het Pentagon. Een jaar later landde de allergrootste Antonov in Kabul, met in het ruim een compleet vergaderdorp voor de Loya Jirga. Vijf broers De Boer zwaaiden toen nog de scepter. Ze vlogen iedere zondag uit alle windstreken naar Alkmaar om aan de keukentafel de stand van zaken door te nemen. Motto: “Kan niet bestaat niet”. Ook dit was een onvervalste verhalenfabriek. Wij keken ademloos toe en bedachten als slogan ‘De Boer covers all’. We noemden het relatiemagazine natuurlijk ‘Coverstory’.

Nog steeds werk ik graag voor verhalenfabrieken. Al verandert de vorm waarin we de verhalen verspreiden. Een beetje Organisatie 2.0 start zijn eigen TV-station. In iedere organisatie hebben mensen dan ook hun dromen en angsten, maken en breken plannen, oogsten succes en teleurstelling. Je gunt in zulke bonte gezelschappen ieder zijn eigen Jacob Derwig: de veeleisende eigenaar met zijn wijdse vergezichten, de te charmante verkoper, de verlegen maar strenge cijferman, de ambitieuze maar achterdochtige onderzoeker en de wulpse maar loslippige PR-dame.
Moet ik mijn fascinaties voor verhalen, organisaties en wielrennen combineren? En verkopers in hun snelle scoringsdrift vergelijken met sprinters? Of R&D-afdelingen in hun hoop op eeuwige roem met klassementsrenners? Nee, dat is te obligaat. Ik hou de circuits beter gescheiden. En geniet van alle verhalen die we mogen doorvertellen. Wie weet ontwikkelen we straks wel kranten met de corporate soap als populairste rubriek.
En heel soms komt mijn jongensdroom een beetje uit. Zo ontmoette ik op onze laatste dag in het Toscaanse Bibbona volkomen onverwacht de vader van wielerheld Paolo Bettini (tweevoudig wereldkampioen en Olympisch kampioen). Apetrots toonde hij me Paolo’s eerste fietsje en talloze winnaarstruien. Ettelijke espresso’s lang overlaadde hij me met verhalen en prullaria. Wat had ik dáár graag een liefdevol filmpje van gemaakt, in de geest van Wilfried de Jong. Gelukkig heb ik de foto’s nog:


door Martijn Kagenaar
1 Comment »
Vanochtend zongen we in de auto vrolijk mee met Sting: “Whoohoo, I’m an alien. I’m a legal alien. I’m an Englishman in New York.” Legal aliens, zo voelen zich ook veel van mijn buren, mijn collega’s, mijn klanten. Want nogal wat Limburgers wonen voor hun gevoel in een vreemd land. Al sinds 1839. Dichter en UM-hoogleraar Wiel Kusters legde het in de Volkskrant heel mooi uit aan Bart Tromp: “Als je mij vraagt: wat ben jij nou cultureel?, dan is mijn antwoord: ik ben een Duitstalige Belg.” Zo krijgt België officieus dus één miljoen extra inwoners. Zou Bart de Wever daar wat mee opschieten?
Officieel wonen er een kleine 100.000 Duitstalige Belgen in de ‘Oostkantons’ rond Eupen en Malmédy. Nederlanders komen er graag om te genieten van de Ardennen. Of om te langlaufen in de sneeuw van de Hoge Venen. Ze komen er zó graag dat je je bestelling in het café op Baraque Michel in het Nederlands kunt doen. Kom daar maar eens om in Brussel.
Duitstalige Polen zijn er ook. In de streek rond Wroclaw wonen er ruim een miljoen. Deze week sprak ik de eigenaar van een uitzendbureau dat veel met ze werkt. Ze hebben een Duits paspoort of het recht om een Duits paspoort aan te vragen. Voor de Belastingdienst zijn het Duitsers, die het uitzendbureau gewoon in dienst kan nemen. Dat leidde trouwens tot een uniek beeld op zijn website:

Maar goed. Stings lichtvoetige lofzang op ‘legal aliens’ is ook een oproep om grenzen te doorbreken. Om te beginnen moeten we in Limburg het taalonderwijs een definitieve oppepper geven. In onze regio buitelen de internationale call centers over elkaar heen omdat hier zoveel ‘native speakers’ van verschillende talen wonen. Een majeure kans, zou een politicus zeggen. Voortaan verplicht vier talen op de basisschool. En je stage loop je in België of Duitsland. Over twintig jaar wonen hier niet alleen Duitstalige Belgen, maar ook Engelstalige Nederlanders, Franstalige Duitsers en Nederlandstalige Aziaten en Latino’s. Want, zoals we vorige week al constateerden: wie de talentvolle jeugd zelf niet heeft, moet haar maar gaan halen.
Maar voorlopig is het meest grensdoorbrekende op deze snikhete vrijdagmiddag in juli, dat er één miljoen Duitstalige Belgen hartstochtelijk supporter zijn van Oranje.
door Martijn Kagenaar
1 Comment »
Kennis, kunde en kassa zijn onmisbaar voor ondernemende vernieuwers. Je moet slim zijn, iets kunnen creëren en er geld mee verdienen. Drie andere onmisbare grootheden vormen samen de ‘Triple Helix’ voor economische vooruitgang: kennisinstellingen, overheden en bedrijven. Die trojka moet zorgen voor een innovatief ondernemersklimaat. Volgens deze twee beproefde succesformules doet onze regio van alles om talenten te boeien en te binden. ROC Leeuwenborgh, Hogeschool Zuyd en Universiteit Maastricht laten ‘Limburg een leven lang leren’ (AFstuderen is er voortaan niet meer bij). Samen sluiten zij individuen en organisaties aan op nieuwe relevante kennis. Overheden stimuleren ondernemerschap in de kiem met innovatiefondsen, campussen, bedrijfscoaches, startersloketten, you name it. Niks leegloop of krimp, maar ideeën koesteren en laten rijpen.

Wij juichen dat allemaal toe en blazen soms een bescheiden deuntje mee. Een paar jaar geleden presenteerden we bij de provincie het idee voor een zakelijke talentenjacht onder de titel ‘Vliegende starters’. Dat voorstel verdween in de koelkast: de provincie zette destijds liever in op ‘majeure projecten’. De regionale ontwikkelingsmaatschappij LIOF heeft nu een vergelijkbaar initiatief genomen om haar 35-jarig jubileum kracht bij te zetten. Onder de titel ‘LIOF yeah!’ vond vrijdagmiddag in Venlo de finale plaats. Juryvoorzitter Willem Vermeend roemde niet alleen de kennis en de kunde van de business cases maar ook de kassa-paragrafen: er moet immers welvaart worden gecreëerd. Vlot gepresenteerd door Leon Verdonschot trokken bedrijfspitches voorbij in allerlei sectoren: e-business (online shoppen ‘mét gevoel’, online video-CV’s), zorgtechnologie (slimme sensoren voor incontinentie en slaaphouding), duurzaamheid (een waterbesparende kraanknop) en entertainment (een campingpakket voor festivalgangers).
De tien winnaars krijgen van LIOF een startersportemonnee met €35.000 plus van sponsorende bedrijven een boodschappenkarretje boordevol basale bedrijfsbenodigdheden zoals een huisstijl (allicht), laptop, bankrekening, bureaumeubilair en smartphone.
Mocht dit allemaal niet genoeg blijken, dan heeft LIOF nog een ijzer in het vuur. Directeur Jérôme Verhagen vindt dat “wie (zoals Limburg) de jeugd niet heeft, die moet haar maar gaan halen.” En zo gaan overheden en bedrijven binnenkort hand-in-hand op zoek naar de beste bollebozen. Om ze naar Limburg te lokken met financiële prikkels, een serviceloket en een inspirerende Expat Guide for the Maastricht Region. Alleen de provincie moet nog definitief door de bocht. Ik hoop van ganser harte dat dat gebeurt. Limburg zou ermee bewijzen allerminst haar poorten te willen sluiten, maar juist actief op zoek te zijn naar vers talent van buiten dit vermeende ‘Wilders-land’. Grr.
door Martijn Kagenaar
6 Comments »
Eind december. Een mailtje van een HEAO’er van Hogeschool Zuyd. Wil afstudeerstage bij ons lopen. Heeft nog een week om bedrijf en onderwerp te kiezen. Er zijn mailtjes die een betere eerste indruk achterlaten… Afstudeerstagiaires. Eerlijk is eerlijk, na 10 jaar heb ik er gemengde gevoelens bij. Oneerbiedig gezegd: veel input, weinig output. Veel analyse, weinig uitvoerbare plannen. Moeten we dat er wel bij doen in deze krappe tijden? Er komen al 2 stagiaires… Hoewel, die sociale media-strategie, daar heb ik zelf geen tijd voor. Nou, vooruit, OK, toe dan maar. Onder zeer strikte voorwaarden: niet te lang soebatten met stramienen van school, geen drie cijfers achter de komma, maar Zuiderlicht helpen. En nu, 5 maanden verder, wat denken we er van? Soms helpt het om te zeggen wat iemand NIET is. Nou, Roel is in elk geval geen…
Stephanie: die was vooral druk met ordenen van haar ‘to do’-lijstjes – Roel maakte gewoon voortgang, dat bleek iedere vrijdagmiddag tijdens ons overleg.
Lilianne: die formuleerde alles met mitsen en maren – Roel riep stoer dat het voor veel klanten 5 voor 12 is op 2.0-gebied.
Virginia: die hield creatieve teams vanaf 5 uur van het werk met bier, chips en rosé – Roel pakte om 5 uur de bus naar Eyserheide.
Jos: die steggelde wekenlang over formuleringen – Roel schreef vlot maar nam kritiek en correcties ook makkelijk over.
Pauline: die had het wachten tot ik er wat van vond tot kunst verheven – Roel ging zijn gang en hoorde op vrijdag wel wat ik er van vond.
Frenk: die ruigpoot-met-grote-oorring zou ‘het hier wel eens flink opschudden’ – Roel was juist bescheiden en lange tijd alleen zichtbaar tegenover mij.
Estelle: die bestookte me als een terriër met stapels competentieprofielen die ik telkens weer moest invullen – Roel en zijn begeleidster Annelies Falk waren relaxed en realistisch.
Jacqueline: die zat de hele dag met vriendinnen te bellen – Roel onderhield zijn contacten in de sociale media, daar leerden we nog wat van.
Maria: die veranderde de studio in een roedel kwispelende en kermende reuën, louter door voorbij te lopen – Roel was een opgeruimde boy-next-door.
Kortom, Roel is – en dat is een groot compliment – de eerste afstudeerstagiair die heeft geleverd wat ik hoopte: een uitvoerbare aanpak met concrete acties en aanbevelingen. En nog een leuke kerel ook, vakkenvuller bij Kruidvat. Die er niet voor terugdeinst om zo nu en dan met een verrassende ontboezeming te komen. De meest memorabele was dat hij Olvarit best lekker vindt. Kijk, dat vinden we leuk. Roel, van Zuiderlicht krijg je niet alleen een dikke 8 voor je stageproject, maar ook potjes Olvarit 2.0 voor je eerste week op kamers in Tilburg. Het ga je goed!

door Martijn Kagenaar
1 Comment »
Je hebt – bewust of onbewust – vast wel eens iets meegekregen van de Gestalt-psychologen. Zij waren het die in de jaren dertig bewezen dat het geheel meer is dan de som der delen. Dat verschijnsel verklaart waarom we hier een witte driehoek menen waar te nemen, terwijl die er fysiek helemaal niet is:

Zonder dat we ons er van bewust zijn, bepalen de wetten van de Gestalt-psychologen veel van onze visuele perceptie. We zien niet wat we zien. Meestal zien we meer dan er is: meer orde, meer gelijkenis, meer hiërarchie. Dat geeft ons kennelijk rust. Onze waarneming laat zich dus graag om de tuin leiden, en overigens niet alleen volgens de Gestalt-wetten. Grafisch ontwerpen is óók slim gebruik maken van talloos veel illusies. Denk maar aan de onmogelijke figuren van M.C. Escher. Wie een visueel verhaal te vertellen heeft, houdt er maar beter rekening mee. De mens wil nu eenmaal altijd méér!
Maar gisteravond werden in de Maastrichtse St. Janskerk de rollen omgedraaid. Daar werden we juist aangespoord om onszelf klein te maken en ‘slechts’ een onderdeel te worden van een groter geheel. Hoe dat zo? Museum aan het Vrijthof presenteerde zijn plannen voor een even ingrijpende als fraaie uitbreiding en herinrichting. Die levert meer ruimte op voor de Maastrichtse geschiedenis vanaf de 16e eeuw tot nu. Maar het museum heeft nog een miljoen tekort voordat komende winter de schop in de grond gaat.
Daarom ontwikkelden wij samen met het museum en Koninklijke Mosa een unieke actie. Iedereen krijgt eenmalig de kans om zijn betrokkenheid te tonen bij de nieuwe culturele huiskamer van Maastricht. Via de aankoop van een hoogstpersoonlijke Mosa-tegel. Als het museum begin 2012 weer open gaat, zullen de tegels deel uitmaken van de centrale vloer van het museum. In de tegels wordt – voor eeuwig – een naam en/of een korte boodschap gegraveerd. De tegels kosten €175 per stuk. Er zijn er maar 2012. Dus wie nog zoekt naar een origineel en tijdloos cadeau slaat als de wiedeweerga zijn slag op de website van Museum aan het Vrijthof.
Wij worden voor deze gelegenheid graag een stukje vloer van 22 x 22 centimer. Op onze tegel lees je straks: “Zo gezegd, zo gedaan.”
door Martijn Kagenaar
Reageer »
Vooropgesteld: ik geloof in onderzoek. Niet voor niets voelde ik me vijftien jaar geleden aangesproken door de advertentie waarin Etcetera een ‘jonge onderzoeker’ zocht. En niet voor niets roep ik altijd ‘eerst richten, dan schieten’. Als een organisatie een beter imago nastreeft, dan wil ik het naadje van de kous weten. Want wat vandaag goed is, kan morgen slecht zijn. Wil jij een betrouwbare of een innovatieve bank? En was dat vijf jaar terug ook zo? Als een klant drie beloftes wil doen, dan spiegel ik bij zijn doelgroep welke op de lange termijn de krachtigste is. En als een bedrijf wil uitstralen dat het pro-actief, betrokken en deskundig is, dan toets ik of die waarden door medewerkers worden herkend. Want iedereen telt mee.
Enfin. In verkiezingstijd vliegen je de onderzoeken weer om de oren. Zo gruwt parmantige Alexander van de slordige Volkskrant-cijfers: hoe gangbaar zijn AOW’ers die wietkosten aftrekken? Verder huiveren we van wat uit de PVV-onderbuik oprispt over de gewenste strafmaat en grinniken we over het percentage eenzame SGP’ers dat ‘s nachts aan Femke ligt te denken. Nuttig? Wel soms vermakelijk, maar meestal voer voor Haagse spin-hysterie. En altijd bedoeld als ‘nieuws’ om kijk-, lees- en luistercijfers op te stuwen.
Ook zelf turven we ons suf. Het woud van digitale stemhulpjes is stilaan ondoordringbaar geworden. De kiesrobots richten zich niet meer alleen op Jan en Alleman zoals Stemwijzer, Verkiezingentest en Kieskompas. Er zijn nu ook niche-navigators voor ondernemers, anders-globalisten, ja zelfs voor digitale vrijheidsfundamentalisten! We laveren onszelf tussen partijstandpunten en vergelijken onze mening met die van de rest van Nederland. Of de rest van hoog opgeleide veertigers met een vrouw in de WAO. Of de rest van degenen die in 2006 nog op Wouter Bos stemden. De niche is nooit klein genoeg.
Nu gaan die navigators er van uit dat onze keuzes rationeel van aard zijn. Maar Stefaan Vandist toonde op de PechaKucha Night in Hasselt nog aan dat onze keuzes voortkomen uit de ‘Homer Simpson’ in ons, waar de impulsieve rechterhersenhelft regeert. Want hoe verklaren we anders het ontstaan van Brand Voting? Onder het nihilistische motto ‘Kopen is kiezen. Kiezen is kopen’ word je daar naar een stemadvies geleid aan de hand van je merkvoorkeur. Heus: VVD’ers kopen veel bij Gall&Gall, D66’ers juist bij Jumbo (en zeker niet bij Kruidvat). Job Cohen wordt geadviseerd om zwevende kiezers vooral in de gratis dagbladen op te zoeken en om het kaaskopende electoraat aan de PVV over te laten. Iedereen telt. Maar telt iedereen wel goed? Mij werd bij diverse pogingen geadviseerd om VVD te stemmen. Wie mij kent, mag daar iets van vinden!

door Martijn Kagenaar
3 Comments »
Overal ruik je deze week de geur van vers gemaaid gras. Heerlijk. De zomer lonkt. Hoera! Dat vooruitzicht hebben klanten kennelijk scherp in het vizier. Want in juni verblijden zij ons altijd met een lange reeks pre-vakantie deadlines. En zo vlieg ik nu voortdurend de welriekende en gekortwiekte wei in.
Voor een herpositionering hier, een nieuwe identiteit daar, een merkstrategie zus, een introductiecampagne zo, een imago-onderzoek, een corporate story, een (betaalde en grondig voorbereide) huisstijlpitch, een cross-mediale communicatiestijl, een klantenworkshop sociale media, een bedrijfsvisie, een afstudeerscriptie.
Als je op het veld staat, blijft er weinig tijd over voor de Zijlijn. En dan staan we in de hooimaand soms ook nog in onze eigen wei: maaien, moestuin, snoeien, stoken. Of op de pedalen. Of op de Pinkpop-wei. Wow. Waar is tijd te koop?

door Martijn Kagenaar
Reageer »
De zon schijnt en de tribale mens kruipt weer onder zijn steen vandaan. Groepsinstincten die in de winter goed beschut blijven, treden ongeremd naar buiten. We willen ergens bijhoren. Anders sta je zo alleen te genieten in die mooie zon. (Ook ikzelf ontkwam niet aan een lichte tribale gekte. Met soulmate Rob en 7.000 anderen reed ik vorige week in en om Amsterdam een pannenkoekplatte toerrit over het parcours van de Giro d’Italia. Dress code: wear something pink). In het Heuvelland is het ook weer helemaal raak. Fietsmaat Jorg en ik vertrekken nu extra vroeg om alle nietsontziende karavanen te vermijden. Want ze moeten dicht bij elkaar blijven en laten dus niemand door, de colonnes 2CV’s, Fiats 500, Kevers, Triumphs, Landrovers, Amazons, 911’s, Traction Avants, Ami’s, Dyanes, DS’en en andere old timers. Maar de gekte dijt uit. Zo zag ik zondag zelfs een stoet rode Ford Capri’s en kneep ik bij Meerssen net op tijd in de remmen voor een foto van dit veld vol Franse bakkersbusjes:

De vraag is: hoe diep wortelen deze tribale gevoelens? Hoe duurzaam is de band met iemand die in dezelfde auto rijdt? Stel, je Eend bezwijkt definitief, kun je dan straffeloos lid worden van de R4-club? Ik vroeg me dat af toen ik in een abri dit stuitend-opportunistische tribale denken zag:

Natuurlijk. Nederlandse consumenten schijnen van Oranje te houden, zeker in tijden van WK’s voetbal. Twee weken geleden zag ik al de eerste volledig versierde straat. Maar dit slaat alles. In België is Jupiler al tientallen jaren de Nationale Fan van de Rode Duivels. Maar die doen dit jaar niet mee aan het WK. “Dan maar Oranje.” Kan dit zomaar? Wat vinden Belgen hier van?
Jupiler positioneert zich als het bier voor de stoere gewone man: ‘Mannen weten waarom’ en ‘Les hommes savent pourquoi’. Vijftien jaar geleden heb ik voor de brouwerij (toen nog Interbrew) bekeken of Jupiler een unieke plek op de Nederlandse markt kon claimen. We bedachten een TV-campagne rond een trio broeders in het kwaad. Vrienden voor het leven die elkaar steunen door dik en dun, maar elkaar ook voortdurend in de maling nemen. Zoals in de toen populaire buddy-movies met Bruce Willis of Mel Gibson. De brouwer durfde dit niet aan en koos voor groei door distributie (een jaar later sprong Amstel in het gat met de succesvolle Vrienden-campagne). Maar zo’n ironische ‘stoere gewone mannen’-aanpak voor Jupiler zou helemaal niet geloofwaardig geweest zijn. Stoere gewone mannen zijn namelijk authentiek en loyaal. Jupiler allerminst. Dat springt – Flup! Flup! – van de ene ploeg over naar de andere. Money talks.
Wie helpt mij voor dit WK aan dit prachtshirt?

door Martijn Kagenaar
3 Comments »
Zo nu en dan heb ik last van serendipiteit. Schrik niet, dat is geen enge ziekte. We vinden allemaal wat eens iets wat we eigenlijk niet zochten. Maar moet je daar dan ook iets mee? Zelfs de ‘gelukkige vinders’ van LSD, Post-it en Viagra herkenden het goud in hun handen niet direct. Dus wat moet ik met mijn ‘vondst’ van zondagochtend?
Zoals iedere fietszondag begon deze ochtend met een blik op de Buienradar. Niet-zo-sterke-maar-eenzame fietsers stippelen hun route uit met rugwind op de terugweg. Eerst het zuur, dan het zoet. Meestal leidt dat tot een tocht naar het zuidwesten, zelden naar het noordoosten. Want daar vandaan komt haast nooit wind. Maar wat bleek op zondag 2 mei? IN HEEL NEDERLAND stond een oost-noordoostenbries. Behalve in Maastricht. Daar woei het uit zuid-zuidwest:

Op de fiets dacht ik na over die 180˚ afwijkende windrichting. Wat betekende dat? Een nieuwe, frisse wind? Of juist een gure? Toch zeker geen natte? In elk geval niet dat Limburgers met alle winden meewaaien – wat boze tongen weleens beweren. Misschien stond deze zuidwester symbool voor de eeuwige tegenwind die men hier soms – jeremiërend – ervaart.
Opeens wist ik het. De tabel klopt niet. Maastricht hoort namelijk nog steeds NIET BIJ NEDERLAND. Toen generaal Dibbets de stad in 1831 in de strijd met het ‘Zuiden’ voor Nederland behield, werd hem dat ter plaatse niet in dank afgenomen. Dibbets werd zelfs de zondebok voor anti-Hollandse gevoelens. (Op zondag, na de mis, urineerde Maastricht lange tijd demonstratief over zijn graf. Pas 175 jaar later is hij door Leers geëerd met een heuse gedenksteen.) Nog steeds hoor je wel eens (m)opperen ‘wij zijn eigenlijk Belgen’.
Dat laatste betwijfel ik. Wel denk ik dat die 180˚ afwijkende wind staat voor de nieuwe oriëntatie in Maastricht. Je positie bepaal je niet door jezelf met anderen te vergelijken, maar door zelf keuzes te maken. Alleen vanuit de Randstad ligt Limburg ‘marginaal’ in Nederland. Vanuit Europese centra als Brussel en Roergebied ben je sneller in Maastricht dan vanuit Den Haag. Ik dacht terug aan de zomer van 2005. Met Jeroen Rossen werkte ik nachtenlang aan de Versnellingsagenda. Tegelijk deed ik een imago-onderzoek bij 20 smaakmakers (van nestvlieders zoals Gerlach Cerfontaine en Loek Hermans, via importbazen als Peter Elverding en Leks Verzijlbergh tot succescaptains Camille Oostwegel en Huub Smeets). De conclusie was: met DSM en Maastricht als ‘parels van het merk’ moest de regio een ‘gepassioneerde ruk naar Europa’ maken. Met levendige campussen zou Zuid-Limburg zich tonen als open, actieve, zelfbewuste optelsom van initiatieven. Als ‘proeftuin van Europa’.
De wind waait hier dus uit een andere hoek. Is dat geen prikkelend thema voor 2018?
door Martijn Kagenaar
Reageer »
We schreven twee maanden terug over de Long Tail (zie “Wie heeft de langste?”). In het verlengde daarvan moeten we het ook maar eens hebben over dat andere grote Chris Anderson-onderwerp, ‘Gratis’. Anderson verklaart in zijn onverbiddellijke ‘Free’ de spectaculaire opmars van gratis diensten en producten. Want de waarde daarvan blijkt vaak pas achteraf. Radicaal? Geenszins. Gratis = business: Google, Facebook, Firefox, Skype, Habbo, YouTube. Jou kost het geen cent en toch zijn de oprichters allang steenrijk.
Maar pas op, want er zijn grenzen! Voor je het weet, denken wij en met ons ook onze kinderen dat ALLES GRATIS moet zijn. En dat is helemaal niet zo. Gratis verleidt ons namelijk ook tot vrijblijvendheid en willekeur. Een voorbeeldje uit de eigen parochie… Binnenkort hackt de jeugd zelfs zijn eigen corporate identity bij elkaar. “Dat is technisch helemaal niet moeilijk. Met een goede naam, typografie en kleur kom je al een heel eind.”
Stel, we beginnen met de naam. Als studentenfotograaf had ik rond 1990 twee grote inspiratiebronnen: Marcel Molle en Daniël Koning. Hun reportagefoto’s maakten van de Volkskrant een visueel lustobject. Hun initialen M en K kwamen perfect overeen met de mijne en daarom combineerde ik hun namen tot een pseudoniem voor de stukjes die ik schreef als studentenredacteur. Niemand wist wie Marcel Koning was.
Deze Marcel Koning ging vorige maand Gratis op zoek naar een lettertype en een kleur die nauw aansloten op zijn persoonlijkheid. Het lettertype kreeg hij op een presenteerblaadje van de online Pentagram-psychiater. Wow! Het Londense top-designbureau kwam op de proppen met de New Alphabet van Wim Crouwel (het Total-bloed kruipt waar het niet gaan kan). De huisstijlkleur liet hij zich aanmeten door Vitaconsult. Marcels rationele, assertieve, progressieve en beheerste inborst zag er volgens deze gratis adviseurs zó uit:

De lente kwam. De zon scheen in Marcels gezicht en zijn strakke beheersing maakte langzaam plaats voor een ontspannen spontaniteit. Hij nam de proef op de som: zouden de letterpsychiater en de kleurenpsycholoog een maand later iets merken van deze milde stemmingswisseling? Ja, zeker! Deze nieuwe ‘meetsessie’ leverde een rationele, assertieve, progressieve maar ontspannen oranje-rode Bifur op, uit 1928 van Bauhaus-ontweper Cassandre:

Ook heel onderscheidend. Maar hoe lang zou deze meegaan? Omdat er naast letter en kleur nog zovéél elementen zijn waarmee je je persoonlijkheid kunt illustreren, gaf Marcel uiteindelijk de voorkeur aan een volstrekt tijd- en associatieloos ontwerp. Hij deed dat op advies van een bevriende ontwerper. Die berekende daar niets voor, maar Marcel had er graag een mooie fles wijn voor over gehad:

door Martijn Kagenaar
5 Comments »